Nieuwe Arbitragewet aangenomendoor de Eerste Kamer

28 mei 2014 Terug naar overzicht

Op 27 mei 2014 heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel Modernisering van het Arbitragerecht als hamerstuk afgedaan. De wet zal naar verwachting per 1 januari 2015 in werking treden. Ondernemers die kiezen voor arbitrage als alternatief voor reguliere rechtspraak, moeten volgens minister Opstelten verzekerd zijn van flexibele geschiloplossing met voldoende waarborgen voor een volwaardige rechtsgang. De nieuwe arbitrageregels zorgen daarvoor. Arbitrage geeft partijen veel vrijheid om het geding in te richten zoals zij willen en dat is van belang voor het bedrijfsleven.

De regels voor arbitrage worden gemoderniseerd onder andere door gebruik te maken van digitale middelen, zoals het versturen van processtukken per e-mail. Daarnaast wordt deponering van een vonnis bij de rechtbank niet meer verplicht gesteld. Ook wordt de procedure tot vernietiging van een arbitraal vonnis teruggebracht tot een rechtsgang in één instantie (het gerechtshof). De modernisering is onderdeel van de Innovatieagenda rechtsbestel.

Het wetsvoorstel moderniseert de Nederlandse regelgeving voor arbitrage in Boeken 3, 6 en 10 van het Burgerlijk Wetboek (BW) en Boek 4 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). Hierdoor wordt het niet alleen voor internationale commerciële arbitrages aantrekkelijk om voor geschiloplossing naar Nederland te komen, maar is het ook een goed nationaal alternatief voor beroep op de burgerlijke rechter.

Arbitrage is in Nederland, naast de overheidsrechter, de belangrijkste vorm van geschilbeslechting. Bij deze wijze van rechtspraak wordt een geschil door een of meer arbiters beslist. Deze vorm van rechtspraak laat partijen vrij over de manier waarop zij hun geschil willen laten beslechten. De nieuwe regeling bevat waarborgen voor de inrichting van een arbitrage en voor de aantasting van een arbitraal vonnis en biedt de mogelijkheid om voor een arbitraal vonnis een verlof tot tenuitvoerlegging bij de overheidsrechter te vragen. Wordt het verlof verleend, dan heeft het arbitraal vonnis dezelfde kracht als een rechterlijk vonnis.