Nederlandse ondernemers verstrikt in Duits faillissementsrecht

14 oktober 2014 Terug naar overzicht

Nederlandse ondernemers moeten veel beter op de hoogte zijn van de gevaren van het Duitse faillissementsrecht. Door uitstel van betaling te verlenen lopen crediteuren het risico later een claim van de curator te ontvangen. Daarvoor waarschuwen verschillende Nederlandse en Duitse advocaten.

‘Het is onbegrijpelijk dat Nederlandse bedrijven die in Duitsland actief zijn, zich niet bewust zijn van de risico’s als ze coulance verlenen’, zegt de Rotterdamse advocaat Marius van Dam, specialist voor de binnenvaartsector. ‘Het is nota bene onze grootste handelspartner.’ 

Faillissement
Diverse Nederlandse binnenvaartschippers hebben in het afgelopen halfjaar claims ontvangen van de Duitse curator van het in 2011 failliet verklaarde Oeltrans. Tientallen tankvaarders die door het bevrachtingsbedrijf uit Hamburg in de maanden voorafgaande aan het bankroet nog betaald kregen, moeten dat geld nu retourneren. In totaal kan het bedrag oplopen tot circa € 10 mln. Voor veel schippers kan dat tot hun eigen faillissement leiden.

De claims van de curator hebben betrekking op facturen waarvoor de schippers eerder uitstel van betaling verleenden, maar alsnog betaald kregen. ‘Die coulance wordt nu tegen ze gebruikt’, vertelt Martin Fischer, scheepvaartadvocaat in Frankfurt. ‘Ook al heb je de beste bedoelingen gehad, dan nog staat de curator in zijn recht als hij de betalingen terugdraait.’ 

Paulianeus
Volgens het Duitse faillissementsrecht hadden de schippers zelf de conclusie moeten trekken dat Oeltrans op een bankroet afstevende en daarom geen betalingen mogen accepteren, maar het faillissement moeten aanvragen. Omdat ze toch hun rekening hebben geïnd, is hun handelen paulianeus: ongeoorloofd voordringen bij een insolvente debiteur. 

Wanneer rekeningen drie weken na de uiterste betalingstermijn nog altijd niet zijn voldaan, is er volgens de Duitse wet sprake van een dreigend bankroet. Volgens paragraaf 133 van de Duitse Insolvenzordnung mag een curator zelfs tot naar tien jaar voor een faillissement terugkijken of crediteuren dat hadden moeten zien aankomen. 

Onbedoelde schade
‘Veel Nederlandse ondernemers zijn zich hiervan niet bewust, beaamt de specialist in faillissementsrecht Frank Imberger uit Bochum. ‘Dit zou veel beter bekend moeten zijn om onbedoelde schade te voorkomen.’ 

‘Laat dit een waarschuwing zijn voor alle Nederlandse ondernemers, uit welke sector dan ook’, zegt Van Dam. ‘Omdat de claim van de curator gesteund wordt door een vonnis van een Duitse rechtbank moet dat ook in Nederland ten uitvoer worden gelegd.’ 

Gebrek aan informatie
Nederlandse schippers zijn ontevreden over het gebrek aan inlichtingen bij de werkgeversorganisatie VNO/NCW en MKB Nederland. ‘Je mag toch verwachten dat die je goed kunnen informeren?’ zegt Ronald Versloot, een van de gedupeerde schippers die vele tonnen zegt te moeten terugbetalen. ‘Licht ondernemers alsjeblieft in voordat ze dezelfde fout begaan.’ 

Bij navraag zegt de werkgeversorganisatie niet op de hoogte te zijn van de bijzondere risico’s van het verlenen van uitstel van betaling aan Duitse debiteuren. ‘Wij weten alleen van een incident met één Nederlandse schipper’, aldus een woordvoerder. 

Bloembollen
Het komt echter vaker voor dat een Duitse curator over de grens geld terugvordert van Nederlandse leveranciers nadat ze eerder uitstel van betaling hadden verleend, aldus Joost Wery, advocaat bij Dijks Leijssen in Enschede. Vorig jaar vorderde hij het geld terug dat een Duitse bloembollenhandelaar in de maanden voorafgaande aan zijn faillissement aan Nederlandse leveranciers had overgemaakt. 

‘De bevoegdheden van een Duitse curator gaan veel verder dan wij in Nederland gewend zijn’, zegt Wery. ‘Met coulance loop je het risico je in je eigen voet te schieten.’


Bron: FD